Enkele optredens bij Holland Centraal Leiden

Star Trek, the future begins



Regie: Jeffrey Adams
Scenario: Roberto Orci en Alex Kurtzinan

Waar:
Lido, 18:45 en 21:30 uur

Gene Roddenberry (1921 – 1991), de creator van Star Trek dat uitgroeide tot een media franchise van heb-ik-jou-daar, heeft er niets mee te maken. Regisseur Jeffrey Adams (Cloverfield, 2008) blijkt in staat om ons een geloofwaardige prequel van Star Trek voor te schotelen: hij vertelt de voorgeschiedenis van wat ons reeds bekend is. Het aantrekkelijke van deze opzet is dat het zowel de old Trekkies als de novice aanspreekt, veelal ‘de jeugd van tegenwoordig’.

Adams neemt ons mee naar het wel en wee van Starfleet. Dat speelt zich gedeeltelijk af op aarde: de Starfleet Academy ligt naast de Golden Gate brug, wat overigens prachtige plaatjes oplevert. Niet eens zo raar bedacht, want wie de stad kent weet dat op die lokatie het park, voorheen US Army base, Presidio ligt. De geschiedenis van dit adembenemende stukje natuur gaat terug naar de Spanjaarden die het gebied in de 18e eeuw in handen kregen. Presidio was ook de plek waar o.a. belangrijke besprekingen rond de Vietnam-oorlog plaats vonden. In werkelijkheid stond California State University Northgate model voor deze buitenscenes van de Starfleet Academy. De brug en de wolkenkrabbers zijn er in gezet. Geen genre zo manipulatief als science-fiction!

Gelukkig is Adams, die de film geheel in California draaide, dicht bij de originele Star Trek-serie uit de jaren ’60 gebleven. Roddenberry keerde zelden naar de aarde terug. Dat kwam pas later in de speelfilms. We bevinden ons grotendeels in ruimteschepen en tussen sterrenstelsels en planeten. Door middel van warp-technologie (waardoor de ruimte vervormd wordt om de beperkingen van de relativiteit te omzeilen) kan men zich verplaatsen naar de verste ‘uithoeken’ van het heelal. Daar zijn zwarte gaten en, het gefingeerde, red matter allesvernietigend. Nero (Eric Bana) heeft zich afgescheiden van de Romulans om met een ruimteschip en enkele volgelingen het heelal onveilig te maken. Hij wil vooral wraak nemen op Spock. Wanneer Nero naar de aarde koerst om die, net als Vulcan (de thuisplaneet van de gelijknamige Vulcans), te vernietigen krijgt het verhaal een behoorlijke urgentie en ook prachtig conflictmateriaal. Dit in combinatie met het spelen met de tijd geeft onze helden de kans de geschiedenis naar hun hand te zetten. Star Trek staat bol van actie-scenes maar kent genoeg rustmomenten om er optimaal van te kunnen genieten.

Natuurlijk speelt Star Trek in op de onderbuikgevoelens zoals dat gebruikelijk is. Hoewel de mooie Eric Bana, bekend van zijn rol als Henry Tudor in The Other Boleyn Girl, mij niet overreden kon als de slechte Nero. Ook Chris Pine, die James T. Kirk speelt, is niet altijd even overtuigend. Deze Kirk heeft misschien iets te veel hufterige eigenschappen om hem charmant te vinden. Maar echt storend is dit uiteindelijk niet want Pine is wel een aardige verschijning en kan de rol zeker wegdragen. Pine kan zich echter nog niet meten met de eerdere, of latere - het is maar hoe je het bekijkt – Kirk (William Shatner), die inderdaad een vrouwverslindende macho was met een flinke dosis sex appeal. Ook een wat simpele ziel die het qua intellect moest afleggen tegen de briljante Spock, de half mens-half Vulcan. Adams besteedt ruimschoots aandacht aan de interactie tussen de twee mannen. En die gaat niet zonder slag of stoot, de twee zijn elkaars tegenpolen.

Dat de 78-jarige Leonard Nimoy meedoet is vooral jeugdsentiment. Nimoy heeft veel weg van een Indiaans medicijnman met zijn verschijning en zijn wijsheden en bovennatuurlijke gaven. De oude Dr. Spock neemt James (Jim) mee op een hallucinerende reis door de tijd zodat James weet hoe te handelen. De jonge Dr. Spock (Zachary Quinto) is een wetenschapper die balanceert tussen twee culturen: die van de mens (emotie) en die van de Vulcan (verstand). Quinto is zeer overtuigend als de jonge Dr. Spock. Het schijnt dat hij en Nimoy dagen samen hebben doorgebracht – pratend en kijkend naar de oude televisie-serie. De moeder van Spock wordt gespeeld door Winona Ryder die met deze bijrol een schamele come-back maakt. Maar ze speelt haar rol zeker overtuigend genoeg.

Science fiction - wetenschap en literatuur - is natuurlijk een genre dat je moet liggen. Intergalactische oorlogen zijn visueel imposant en heerlijk afstandelijk, maar vooral interessant vanwege de strategie er achter. Bij Star Trek gaat het om het behoud van de hegemonie. En dan vooral om koploper te blijven in wetenschap en techniek. Het oude ‘kennis is macht’ is ook hier van toepassing. Het is eigenlijk een soort internationale betrekkingen in de ruimte met diplomatie en real-politiek. De crew en de leiding van, aanvankelijk de USS Kelvin, de USS Enterprise zijn voorbeeldige helden die opereren binnen een smeltkroes van culturen. De Klingons komen in het geheel niet voor in deze Star Trek. Maar dat is niet zo verwonderlijk want die werden veel later geïntroduceerd in de Star Trek saga. Maar eerlijk gezegd miste ik ze wel. Er schijnt echter een heuse Klingon-opera in ontwikkeling te zijn in Nederland..

Adams is er in geslaagd het geheel te doorspekken met humor en verwijzingen. En op het eind weet hij de Trekkies onder ons zowaar te ontroeren. Ga dit meemaken.

Mammoth



Regie en scenario: Lukas Moodysson
Waar: Kijkhuis Leiden, dagelijks 22:00 uur (check web site)

Er zijn films die bij het bekijken zo gewoon en alledaags overkomen dat je je er onbehaaglijk bij voelt. Mammoth is aanvankelijk zo’n film. Vrijwel direct weet je dat het geen komedie is. De rust doet vermoeden dat er binnenkort iets gaat gebeuren. Dit kan niet goed gaan. Maar ook die verwachting lost snel op. Mammoth is een nihilistische film over ongelijkheid en de negatieve gevolgen van globalisering, zonder dat expliciet te benadrukken.

Er zijn veel sympathieke momenten maar ook miserabele. We stappen in het leven van een jong en rijk gezin in Soho. Leo (Gael Garcia Bernal) en zijn vrouw Ellen (Michelle Williams) wonen in een luxe penthouse. Ze hebben een dochtertje van zeven ‘en een half’, Jacky, een noemenswaardige rol van Sophie Nyweide. Leo en Ellen zijn niet ongelukkig met elkaar maar ze werken beiden zo hard, Ellen als chirurg bij de eerst hulp en Leo als de CEO van zijn game software bedrijf, dat ze elkaar nauwelijks zien. Er woont een Fillippijnse nanny bij hen in, Gloria (Marife Necesito), die haar gezin heeft achtergelaten om in Amerika het grote geld te verdienen. Jacky ontwikkelt een warme liefde voor Gloria omdat haar moeder geen tijd voor haar heeft. Wanneer Leo naar Bangkok vertrekt voor een miljoenencontract, verandert er in het leven van Ellen niet veel. Wel merkt ze dat Jacky nog meer gaat hechten aan Gloria die haar Tagalog (een van de 171 talen die in de Filippijnen wordt gesproken) leert. Dan komt er voor Leo en Gloria een wake-up call...

Lukas Moodysson, die ook regisseur was van Fucking Amal, Together, Lilja fourever en Container zoomt altijd in familie-aangelegenheden. Dit thema werd/wordt nergens zo uitgediept als in Zweedse en Franse films. In die zin lijkt Mammoth het meest op het genre Bergmann of Truffaut. Alleen wordt er in Mammoth veel minder gepraat dan in de gemiddelde Franse film. Dat Moodysson een Zweedse benadering kiest is wel duidelijk: er zijn nogal wat reflectiemomenten.

Laat de film op je inwerken en wat overblijft: NY vanaf een dakterras, Bangkok vanuit een bus, olifanten in gevangenschap en opportunistische hoertjes en gelukzoekers, kinderprostitutie en de prachtige shots in het planertarium. Je krijgt ineens veel sympathie voor hard werkende mensen die vooruit willen in het leven. Niet die delinquente onruststokers, bij wijze van spreken. Neen, Gloria woont en werkt als nanny in Amerika om haar zoontjes later te kunnen laten studeren. Ellen doet er alles aan om haar zwaar gewonde patienten te laten overleven en Leo doet zijn best een eerlijk mens te blijven in de harde zakenwereld daarbij benadrukkend dat hij is opgevoed door hippies.

Mammoth is geen fenomenale film en het duurt een tijd voordat je er in komt. Eigenlijk kom je er nooit helemaal in en dat ligt niet aan de acteurs. Vooral de kinderen acteren uitzonderlijk goed. Misschien komt het door de verschillende verhaallijnen die Moodysson uitzet. In Mammoth zijn alle hoofdpersonages sympathiek. Conflicten komen voort uit de situatie waarin de personages zich bevinden. Deze welwillende mensen worden benadeeld door de wereld waarin zij leven. Maar Moodysson ziet wel licht aan het einde van de tunnel. Uiteindelijk hebben alle personages hun lot in eigen hand.

Buddenbrooks


Regie: Heinrich Breloer
Waar: Kijkhuis, dagelijks 21:15 (check web site)

Buddenbrooks werd al eens verfilmd in 1959 door Alfred Weidenmann. En ook Franz Peter Wirth maakte eind jaren zeventig een elf-delige televisieserie gebaseerd op de robuuste familieroman van Thomas Mann die er in 1929 de Nobelprijs voor de literatuur mee won. De versie van Heinreich Breloer die nu in de bioscoop draait duurt 140 minuten. Dat is lang maar desondanks niet lang genoeg om diepgang te geven aan de ondergang van de rijke koopmansfamilie uit Lübeck die alles verliest, zelfs de zin om te leven.

Je kunt je afvragen waarom Breloer, zelf overigens ook een televisiemaker, een budget van 16 miljoen euro heeft weten los te peuteren om deze enorme uitdaging aan te gaan. Natuurlijk behoort dit verhaal tot het Duitse erfgoed. De debuutroman van Mann is een uitvoerige analyse van de Duitse bourgeoisie in de 19e eeuw, het verhaal speelt zich af tussen 1835 – 1877. Breloer, volgens zeggen een groot bewonderaar van Mann, geeft als argument aan dat hij zich zelf herkend in het verhaal Buddenbrooks. Het is nauwelijks voor te stellen dat dat argument alleen de producenten over de brug deed komen.

De film is in zijn genre, een kostuumdrama, professioneel en kundig gedraaid. Ook is er ruime aandacht voor de kostuums en film set. De cameravoering is zeker niet plat. Cameraman Gernot Roll gebruikt regelmatig de steadycam en dat zorgt voor ietwat dynamiek. Jammer is wel dat men voor de Amsterdam scenes is uitgeweken naar Brugge. Volgens Breloer zou het draaien in Amsterdam te kostbaar zijn geweest. Daar is natuurlijk wel iets bij voor te stellen want ga alle reclameborden en auto’s maar eens verwijderen uit de binnenstad. Filmproducenten zullen ongetwijfeld leeg lopen op twee dagen filmen in Amsterdam. Dat is jammer, en niet alleen voor de film. Hoewel het een buitenlander misschien niet snel zal opvallen. Volgens Broeler is de architectuur van Brugge het meest authentiek. Dat kan zo zijn maar de grachten van Amsterdam zijn uniek.

Door de letterlijke beeldtaal, naderend onheil kondigt zich al aan in de zwarte luchten en de openwaaiende ramen, stuurt Breloer je een kant op. Je weet dat het noodlot gaat toeslaan en staat niet raar te kijken wanneer de ene na de andere Buddenbrook sterft.

De grootse acteur Armin Mueller-Stahl is zeer geschikt als de oude Jean (Johann) Buddenbrooks. Trots op het geslacht Buddenbrooks heeft hij zijn meest diegpaande gesprekken met zijn dochter Antonie ‘Tony’ (Jessica Schwarz). Hij zal haar opportunistisch uithuwelijken aan een gefortuneerd zakenman. De mooie romantische Tony vindt het vreselijk en ergert zich aan de man met de wrat op zijn kin. Vanaf het eerste moment dat ze kennis met hem maakt voelt ze een afkeer. Maar Tony is geen rebel en verzet zich niet ondanks dat ze de liefde van haar leven heeft gevonden in Morten, een student medicijnen die haar beloofd heeft om haar vader om haar hand te vragen als hij dokter is.

Zoon Thomas (Mark Wasche), aanvankelijk onder de invloed van zijn broer Christian (August Diehl) met wie hij een aangename jeugd doorbrengt, is een serieuze man. In toenemende mate krijgt Thomas verantwoordelijkheidsgevoel voor de graanhandel waar de familie zo rijk mee is geworden. Hij gaat naar Amsterdam omdat zijn zwager er connecties heeft. Christian die naar Londen gaat wordt in de film verder niet uitgediept. Behalve dat hij is terug gekomen met een beroerde werkethiek en liever lol maakt in het uitgaansleven. Hij begeeft zich zelfs in de kring van de concurrent, de jonge ambitieuze, maar niet adellijke, Hermann Hagenström (Fedja van Huêt). Hermann’s stille adoratie van Tony zal dat immer blijven. En Tony blijft kiezen voor de verkeerde mannen. Maar Thomas trouwt uiteindelijk met de vioolvirtuose Gerda Arnoldsen (Lea Bosco) en krijgt met haar een zoon, Hanno.

Buddenbrooks is een soort voortkabbelend verhaal. Weliswaar beperkt door de wetten van film en tijd maakt Breloer zich er ietwat met-een-jantje-van-leiden van af. Hij heeft bijna tweeeneenhalf uur tot zijn beschikking om drie generaties Buddenbrooks uit te diepen. En dat lukt natuurlijk niet. Desaltnietemin is Buddenbrooks de moeite waard als je van dit genre houdt. Met een dergelijke film kan de Duitse filmindustrie de Engelsen bijna naar de kroon stoten.

Synecdoche, New York



Regie en scenario: Charlie Kaufman
Waar: Kijkhuis, dagelijks 22:00 uur (check web site)

Welkom in de wereld van hypochonder en theaterregisseur Caden Cotard. Vanaf het openingsshot tot en met het einde wordt de kijker meegenomen in een gecompliceerde vertelling van meesterfantast Charlie Kaufman. Synecdoche, New York staat weer bol van de verwijzingen en symbolen. Kaufman, die we kennen van Adaptation, Eternal Sunshine of the Spotless Mind en Being John Malkovich – toch ook geen afgezaagde plots - levert met Synecdoche, New York zijn regiedebuut af. En dat levert wederom een uiterst merkwaardige film op.

Caden Cotard (Philip Seymour Hoffman) is een gecompliceerd persoon. Aan de ene kant een gedeprimeerde, zieke zielepoot die denkt dat hij niet lang meer te leven heeft. Het personage doet je denken aan de karakters die Woody Allen zo briljant neerzet in zijn eerste films. Aan de andere kant is Cotard een gedreven theatermaker die een zekere aantrekkingskracht uitoefent op een aantal vrouwen in zijn omgeving. Maar zijn vrouw Adele (Catherine Keener) heeft het helemaal gehad met haar pessimistische echtgenoot. Ze kan niet meer omgaan met zijn ziekte, die soms heftige vormen aanneemt, en verhuist met hun 4-jarige dochtertje Olive (Sadie Goldstein) en haar semi-lesbische vriendin Maria (Jennifer Jason Leigh) naar Berlijn. Daar wordt Adele ontdekt en wereldberoemd. In de tussentijd trouwt Caden opnieuw en denkt hij telkens dat hij sterft, blijft hij depressief en zelfs suicidaal. Kort door de bocht is dat het verhaal. Maar bij Kaufman is er natuurlijk veel meer aan de hand.

Cotard heeft een succesvolle theatervoorstelling op de planken gebracht van Death of a Salesman. Het levert hem een omvangrijke subsidie op. Met dit geld wil hij het stuk van zijn leven gaan maken en daartoe neemt hij zijn intrek in een enorme loods. Hier gaat hij Manhattan nabouwen. Dit proces van grofweg twintig jaar vormt het decor van een doorlopend toneelstuk én van de film die wij zien. Gaandeweg wordt het project, en dus de film, complexer. Caden gaat zijn persoonlijke leven in toenemende mate projecteren op dit namaak New York. Zo heeft Caden een acteur die hem naspeelt Sammy (Tom Noonan) maar ook de vrouwen uit zijn leven worden nagespeeld. De roodharige en naïve Hazel (Samantha Northon) wordt gekopieerd door de ondeugende Tammy (Emily Watson). Door deze dubbele personages wordt Synecdoche, New York soms wat lastig te volgen. Je moet erbij blijven. Watson is overigens in deze kleine rol behoorlijk op dreef! Zonder gêne toont ze haar parmantige borsten en heeft ze een memorabel stukje tekst: “I feel ok, mostly... fucking might help.”

Een van de weinige lichtpunten in het verwarde leven van Caden zijn zijn sessies met psychiater Madeleine Gravis (Hope Davis). Zij probeert hem te verleiden maar slaagt daar niet in. Wie daar wel in slaagt is de openhartige kaartjesverkoopster Hazel. Zij blijkt uiteindelijk zijn grote liefde te zijn. Maar dan is het, hoe kan het anders, te laat.

Zeker levert Kaufman met Synecdoche, New York ook dit maal een onconventionele film af. Net als in zijn vorige films creeërt hij zijn eigen wetmatigheden die alle film- en theaterwetten overstijgen. Zelfs Hazel heeft het over het ‘doorbreken van de vierde wand’, iets dat in film hoogst ongebruikelijk is. En daarmee demonstreert Kaufman wederom dat hij geen doorsnee filmregisseur is die ons een recht-toe-recht-aan verhaal voorschotelt. Maar dat bewijs leverde hij al met zijn eerder genoemde scenarios. Het is de vraag of de verfilming van Synecdoche, New York toch niet beter aan een andere regisseur uitbesteed had kunnen worden. Want ondanks dat Kaufman dicht op de huid van Caden Cotard kruipt, we volgen hem zelfs tot in de toiletten, blijft de film oppervlakkig en niet in staat te ontroeren.

Transsiberian




Tag line: Arrive on time

Regie: Brad Anderson
Scenario: Brad Anderson en Will Conroy
Waar: Kijkhuis, dagelijks 21:45 (check website)

Menig avontuurlijk reiziger of door de wol geverfde romanticus droomt van de reis over ruim 9000 km rails die van Vladivostok tot Moskou het verlaten landschap doorkruist. Het jonge stel Roy en Jessie stappen op in Beijing nadat ze twee weken vrijwilligerswerk voor de kerk hebben gedaan. Onderweg geraken ze zeer ernstig in de problemen.

Het is duidelijk dat Roy (Woody Harrelson) en Jessie (Emily Mortimer) een sociaal voelend, beschaafd maar conventioneel, stel vormen. Hun huwelijk zit in een dip. Roy vermoedt dat deze bijzonder treinreis de pit er weer in zal brengen. Dus in plaats van de snelle weg terug naar Iowa per vliegtuig, nemen ze de Trans Siberische Spoorlijn. En wanneer Roy elke seconde van de rit intens beleefd, maakt Jessie de meest prachtige foto’s. Ze komen Carlos (Eduardo Noriega) en Abby (Kate Mara) tegen. Er ontstaat een vriendschap. Het is duidelijk, zelfs logisch, dat Jessie en Carlos zich tot elkaar voelen aangetrokken. Dit heeft uitendelijk verstrekkende gevolgen.









Brad Anderson is een ervaren regisseur van het thriller-en horrorgenre. Zijn portfolio behelst onder andere de thriller El Maquinista (2004) met Christian Bale en de psychologische horrorfilm Session 9 (2001). Anderson weet hoe hij de kijker op het verkeerde been kan zetten. Ook in Transsiberian is hij aardig op dreef en weet hij de spanning op te bouwen. Zo blijken mensen niet altijd te zijn zoals ze zich aanvankelijk voordoen. Vooral Jessie heeft uiteindelijk meer geheimen dan je zo op het oog zou denken. De enige man die dat instictief aanvoelt is Grinko (Ben Kingsley).










Anderson neemt ruimschoots de tijd om zijn personages te introduceren. Dat zorgt voor wat traagheid aan het begin. Toch komt mede daar door de klap uiteindelijk harder aan. De acteurs komen komen goed tot hun recht. Het is natuurlijk ook een geweldige rolbezetting. De hoofdrolspelers hebben allen iets dat de kijker fascineert. Je kunt je ogen niet van ze afhouden. Harrelson doet hier en daar denken aan de naïve Woody Boyd uit de comedy serie Cheers. Kingsley, die een kleine doch belangrijke rol heeft, is huiveringwekkend met zijn klievende blikken. Mortimer kan de gelaagdheid van haar personage zeer overtuigend neerzetten. En ook Mara en Noriega demonstreren acteertalent en zullen niet bang hoeven zijn dat ze zonder werk komen te zitten. De medereizigers en passanten zijn zo van de straat geplukt waardoor sommige opnames documentair aan doen. De scenes zijn wisselend van benauwend en ijzingwekkend tot vrolijk en zelfs erotisch. De scene waarbij iedereen in de restauratie met elkaar feest en vodka zuipt, daarbij sterke verhalen aan elkaar vertellend, is fenomenaal. Daarnaast zijn er prachtige shots van het desolate winterlandschap. En de Russische cultuur is ruimschoots aanwezig.

Het script bevat een aantal prachtige uitspraken. Zo zijn de woorden van Grinko als de doortastende narcoticabrigadier, die vooral in het tweede deel een sleutelrol krijgt toebedeeld, heel treffend in de situatie: ‘In Russia we have expression. “With lies you may go ahead in the world, but you may never go back.”
Er zitten wat clichés in de film. Deze zijn gelukkig niet zo storend dat het kijken naar Transsiberian een lange zit wordt, integendeel. Voor wie een spannende thriller wil bekijken op een verlaten middag in de stad, is het zeker de moeite waard.

Doubt (inclusief audio)



Regie en scenario: John Patrick Shanley
Waar: Trianon, dagelijks 19:00 en 21:30 uur (check web site )

Doubt is een Pullitzer Prize (2005) toneelstuk van John Patrick Shanley. Om het gepast te vertalen naar het witte doek is een hele uitdaging. Of Shanley daarin is geslaagd is niet helemaal zeker. Wat wél zeker is, is dat de cast overtuigt. En zo wordt Doubt toch een aangrijpende film over vooroordelen, roddels en onderdrukte gevoelens.

Doubt speelt zich af in 1964. Father Flynn (Philip Seymour Hoffman) is een populaire priester op een katholieke lagere school in the Bronx waar vooral Ierse en Italiaanse immigrantenfamilies wonen. Met zijn preken weet hij de kerkgangers te ontroeren en aan het denken te zetten. Zuster Aloysius Beauvier (Meryl Streep) is het schoolhoofd en een hele strenge, voor zichzelf én voor de kinderen. Ze is het prototype van de non zoals we die kennen uit de jaren 50 films. Flynn wil het allemaal wat losser. Voor de 12-jarige Donald Miller (Joseph Foster) heeft hij een zwak. En dus komt er een moment dat Aloysius hem ernstig verdenkt van het plegen van ontucht. De naïeve zuster James (Amy Adams) brengt de zaak aan het rollen hoewel ze Flynn later onvoorwaardelijk steunt.

Philip Seymour Hoffman speelt de sterren van de hemel. Wat is het een genot om naar een acteur van zijn kaliber te kijken! Moeiteloos kruipt hij in de huid van zijn personages. Als je Truman Capote overtuigend weet neer te zetten en de sluwe Andy in Before the Devil knows you’re dead of in Doubt de charismatische en sympathieke, gedreven Father Brendan Flynn, dan heb je heel wat registers open te trekken. Hoffman doet het moeiteloos (link naar NPR interview met Hoffman over zijn rol als Capote). De camera houdt van hem en wij als kijker gaan daar moeiteloos in mee. En Hoffman weet dat. Desondanks is zijn spel niet verwaand of mechanisch maar juist integer en gedegen.

De rol van zuster Aloysisus is natuurlijk koren op de molen voor Streep die als rijpe actrice vooral bitches is gaan spelen. Met de gevoelige rollen van vroeger zoals in Sophie’s Choice, Silkwood of the Bridges of Madison County heeft het niets meer te maken. Streep, als method actress, weet heel goed waar ze de motivatie vandaan kan halen en hoe ze die kan gebruiken in lichaamstaal. Samen met Hoffman levert dat intense scenes op. Zo heerst er een interessante spanning tussen de twee wanneer ze eigenlijk iets doen dat tegen het Protocol ingaat: zonder een derde aanwezige gaan ze samen een vertrek in, in dit geval het kantoor van zuster Aloysius. De emoties lopen hoog op en er zijn maar weinig acteurs die een dergelijke scène zo mooi kunnen uitspelen als Hoffman en Streep. Weliswaar dat Streep daarbij veel meer een karikatuur is van de strenge non dan Hoffman een karikatuur is van de onvermurwbare priester. Aloysius heeft geen mededogen en zal niet buigen. Ze heeft maar een doelstelling: Flynn ten val brengen. Genoeg materiaal dus voor een heus drama met toch nog een verrassend eind.

Shanley werkt sterk vanuit de traditie en dat siert de film. Het is hier en daar wat traag. Soms werkt de cameravoering (Roger Deakins en Matt Turve) op de lachspieren. Een scheef kader om een boodschap van naderend onheil over te brengen gaat de kijker anno 2009 misschien wat ver. Ook het weer (storm en regen) wordt regelmatig als stijlmiddel ingezet om de conflicten te benadrukken. Over het algemeen is de cameravoering fantasieloos en wat plat, daarentegen wordt licht en donker goed uitgebuit. Er is verder niets aan te merken op de film set en de aankleding. De plaatjes van de straten hebben een poëtische schoonheid.

Zowel Hoffman als Streep zijn genomineerd voor een oscar. Streep voor de beste vrouwelijke hoofdrol en Hoffman voor de beste mannelijke bijrol. En dat is toch wel opmerkelijk. Streep is zeker aanwezig maar het is uiteindelijk Hoffman die de film domineert en de show steelt.

Valkyrie


Tagline: Many saw evil. They dared to stop it.

Regie: Bryan Singer
Waar: Lido, dagelijks 18:45 en 21:30 uur (check web site)

De tweede wereldoorlog is bijna voorbij, de geallieerden aan de winnende hand, wanneer Kolonel Claus Schenk von Stauffenberg (Tom Cruise) niets meer ziet in de politiek van zijn Führer. “Je bent voor Duitsland of voor Hitler. Beiden is niet mogelijk.”
Zijn twijfels vertrouwt hij zijn dagboek toe. In de volgende scene wordt zijn legerkamp bij verrassing gebombardeerd. Laag overvliegende spitfires, veel opstuivend zand en vernietigende bomexlosies. Singer is hierbij niet grafisch – het bloed spat niet van het doek. Op verwoeste jeeps en dergelijke na, lijkt de schade vooral materieel. Von Stauffenberg laat hij half levend achter.

Von Stauffenberg is niet de enige die van Hitler af wil. Een groep Wehrmacht-officieren en politici wil niets liever. En zo zien we dat een plan om het vliegtuig van Hitler op te blazen falikant mislukt. Het explosief, verstopt in een fles Cointreau, gaat niet af. Generaal-majoor Henning von Tresckow (Kenneth Brannagh) gaat uitzoeken hoe dat nou mogelijk is. Door zijn koelheid en vooral door gebruik te maken van een machtsspelletje weet hij dit fiasco op een dood spoor te laten lopen. De nazi’s hebben niets door. De moedige helden zijn door het oog van de naald gekropen.

Omdat een belangrijk man uit dit ondergrondse verzet naar het front wordt gestuurd moet zijn stoel worden opgevuld. Von Stauffenberg wordt geintroduceerd. Als hij vraagt wat er moet gebeuren met Duitsland nadat Hitler is vermoord, worden de mannen argwanend. Toch is dit natuurlijk een goede vraag. Want het vaccuüm moet immers wel worden opgevuld. En zo ontstaat een nieuw complot waarbij men gebruik zal maken van Operatie Walküre, Hitler’s eigen noodscenario dat wordt ingezet in geval van zijn overlijden.

Het plan van de coupplegers is dat Hitler in zijn bunker zal worden omgebracht door middel van een naar binnen gesmokkeld explosief. Vervolgens zullen de reservetroepen de SS’ers in Berlijn arresteren en zo de macht overnemen. Het nazi-regime wordt dus van binnenuit omver geworpen. Een geniaal idee.

Dit waar gebeurde verhaal levert genoeg materiaal op voor een onderhoudende speelfilm. En dat is Valkyrie zeker. Het is eigenlijk een traditionele oorlogsfilm waarbij nauwelijks ruimte is voor analyse maar wel voor de tegenstelling goed-kwaad. Niet dat dat een probleem is overigens. In de vaart der dingen en de spanning van het hele complot zit niemand te wachten op heftige emoties. Hoewel waarschijnlijk mede hierdoor Tom Cruise zijn rol wat mechanisch speelt. Het kost Von Stauffenberg geen enkele moeite om zijn vrouw Nina (Carice van Houten) te overtuigen. En ook in de besprekingen met zijn mede-conspiratoren is hij koel en zakelijk. Zelfs de paranoïde Hitler vertrouwt hem. Maar goed, Von Stauffenberg is dan ook behoorlijk gehavend de strijd in de woestijn uit gekomen, kortom een held.

Singer heeft zeker een interessante film afgeleverd die technisch goed in elkaar steekt. Het verhaal geeft genoeg aanleiding om te speculeren wat er gebeurd zou zijn bij het slagen van deze coup. Maar je wilt als kijker toch weten wat deze samenzweerders drijft. Natuurlijk weten wij waarom Hitler slecht was. Aandacht voor de motivatie van Von Stauffenberg en zijn medestanders had Valkyrie zeker niet misstaan en de film op een hoger plan gebracht.

Vicky Cristina Barcelona (inclusief audio)



Tag line: Life is the ultimate work of art
Regie en scenario: Woody Allen

Waar:
Kijkhuis, dagelijks 21:00 uur (check web site)

Als er een regisseur is die relaties van en tussen mannen en vrouwen op spottende en humoristische wijze onder de loep kan nemen is het Woody Allen wel. Een regisseur die zijn liefde voor New York in al zijn films breed weet uit te meten. Wie herinnert zich niet Interiors (1977), Manhattan (1979) of het latere Hannah and her sisters (1986) en Crimes and misdemeanours (1989). Pas in 2005 wijkt Allen af van zijn formule om verhalen in NY te laten afspelen. Hij vertrekt naar Londen en draait er Matchpoint (2005). Dan ook krijgt hij een fascinatie voor Scarlett Johansson. Voorheen had hij als muses de fragiele en overanalyserende Mia Farrow en de frivole en aantrekkelijke Diane Keaton. Dat heeft heel wat prachtige films opgeleverd, getuige het oeuvre van de meester.

Voor VCB reist de 73-jarige schrijver/ regisseur af naar Barcelona en neemt zijn favoriete actrice Johansson mee. Verder de mooie, talentvolle Penelope Cruz die hem niet meer kan intimideren, en de onderkoelde, ietwat stoere, doch breekbare Rebecca Hall. We weten vanaf de eerste scene dat we wat gaan meemaken binnen deze intermenselijke microkosmos. Allen weet alle ingredienten te combineren als in een zomerse cocktail. Nonchalant weeft hij een web van intermenselijke relaties in de vorm van huwelijks- en persoonlijke crises. Daarbij blijft hij altijd esthetisch en vooral intellectueel. Barcelona vormt een heerlijk decor voor dit verhaal. De kleuren, de verschillende tijdstippen van een dag, de steegjes en de terrassen. Soms wordt hij zelfs bijna documentair en lijkt hij de acteurs de vrije hand te geven in hun improvisaties. Misschien ontstaan veel dingen spontaan. Met een dergelijke cast weet je dat die zich kan redden. Toch is Allen een te groots dialogenschrijver om alles uit handen te geven aan zijn acteurs.

Een voice-over (Christopher Evan Welch) verteld over Cristina’s (Johansson) zoveelste break-up met een man. Dat doet hij aan het begin van de film wanneer hij haar neerzet als een dromerig, sexy blondine met liefdesverdriet. Je voelt dat ze haar liefdesverdriet al snel zal vergeten. Vicky (Hall) is verloofd en gaat na de zomer trouwen. Ze heeft een goede opleiding en doet onderzoek naar de Catalaanse identiteit. De twee vrouwen zijn hartsvriendinnen maar op het gebied van de liefde ziijn ze erg verschillend. En nu gaan ze samen een zomer doorbrengen in Barcelona. Dat kan alleen maar leiden tot romantische situaties en vooral veel verwarring. Bij Allen blijft het ondanks alles toch altijd licht.

Allen is natuurlijk een filmer van steden. Als geen ander weet hij zijn cast op natuurlijke wijze te integreren in het straatbeeld van Barcelona. Zo kan Johanssen door de straten paraderen, met haar camera, in een strakke spijkerbroek en een wit blousje en kijken de mannen vanuit hun ooghoeken naar haar achterste. De intrigerende Javier Bardem heeft met zijn vertolking van de sexy schilder Juan Antonio geen minuut nodig om ons te overtuigen van zijn joie-de-vivre. Bardem was de ontdekking van 2008. Zijn grote doorbraak kwam in No country for old men waar hij de psychopatische moordenaar Chigurgh speelt die uit is op veel geld. In VCB is hij uit op een heus ménage a trios en dat lukt hem. Ook de overige cast is sterk: Patricia Clarkson en Chris Messina leveren mooi tegenspel voor de drie hoofdpersonen die met elkaar en ook vooral met zich zelf bezig zijn.

In vroeger werk van Allen was hij vooral autobiografisch, bij hem liepen prive en cinema door elkaar heen. Zo zitten er in zijn vroege films veel scenes verwerkt met psycho-analyse. Allen heeft zelf ruim dertig jaar drie maal per week therapie gehad. Met zijn vlucht uit NY neemt Allen ons mee naar zijn kleine wereldje van sex, cultuur, kunst en intellectualisme. De tijden, de omstandigheden, de cultuur en de locatie zijn veranderd. En Allen zien we niet meer voor de camera. Maar in de liefde is er nog niets veranderd. Dat is Allen’s geruststellende gedachte en tegelijkertijd een bittere troost.

Changeling



Tag line: To find her son, she did what no one else dared

Regie: Clint Eastwood
Scenario: J. Michael Straczynski

Waar: Trianon, dagelijks 21:30 uur (check web-site voor updates)

Never start a fight, but always finish it. Deze woorden zal Christine Collins (Angelina Jolie) tot twee maal toe uitspreken in Changeling. De film gaat over een bizar en ongelooflijk verhaal dat waar gebeurd is. Collins is een alleenstaande moeder met een negenjarig zoontje Walter die op 10 maart 1928 spoorloos verdwijnt. Na vijf maanden vindt de Los Angeles Police Department (LAPD) het jongetje terug in DeKalb, Iowa. Wanneer het kind, omringd door een mediacircus, arriveert in Los Angeles blijkt het Walter niet te zijn. De LAPD blijft echter volhouden dat dit wel haar zoon is: 'just give him a try madam..' De reputatie van de LAPD kan namelijk wel een opsteker gebruiken en een succesvol afgerond onderzoek doet het goed bij het volk. Maar Collins houdt haar poot stijf en wanneer ze de zaak in de openbaarheid brengt, gooit de politie haar in een krankzinnigengesticht met indicatie code 12, de gesloten afdeling voor vrouwen die een gevaar vormen voor de autoriteit van de LAPD. Er is één man die haar onvoorwaardelijk steunt omdat hij al jaren een virulente verbale strijd voert middels zijn radioshows. Het is Reverend Gustav Briegleb, gespeeld door de markante John Malkovich, die niet terugdeinst voor de harde hand van de LAPD.

Changeling is gebaseerd op de Wineville chicken coop murders, een serie ontvoeringen en moorden van kleine jongetjes in en om Los Angeles (Riverside county) tussen 1928 en 1930. De zaak Collins trok destijds de nationale aandacht en bracht de duistere praktijken van de Los Angeles Police Department aan het licht. Uiteindelijk zou de stadsbevolking van Los Angeles massaal de straat op gaan en werd het criminele politiekorps gezuiverd van haar corrupte top.

Het werkelijke verhaal van de Wineville chicken coop murders is nog veel onwaarschijnlijker. Gordon Northcott woonde samen met zijn oma in een boerderij in Wineville. Het veertienjarig neefje Sanford Clark, die in de film de zaak aan het rollen brengt, werd door Gordon ontvoerd, sexueel misbruikt en mishandeld nog voordat zijn ouders aangifte hadden kunnen doen bij de politie in Saskatchewan, Canada. Net als haar kleinzoon trok ook oma haar bekentenissen naderhand in. De Northcotts zijn een behoorlijk asociale en disfunctionele familie. Zo werd Gordon verwekt door zijn opa bij zijn eigen dochter Winifred en gedurende zijn jeugd sexueel misbruikt door de familie. Natuurlijk deed de zaak Wineville sidderen. Na het proces werd het stadje omgedoopt tot Mira Loma en wie er komt zal ontdekken dat alleen sommige straten nog verwijzen naar Wineville.

De scenarist Michael Straczynski, dook in de archieven om de zaak rond Christine Collins te onderzoeken. Hij ontdekte dat deze geschiedenis nog schokkender was dan die van de psychopaat Gordon Northcott. De grenzeloze macht van de politie en het geweld en de intimidatie die het korps niet schuwde liet Strazcynski een jaar lang niet los. Uiteindelijk besloot hij zijn scenario volledig te weiden aan het verhaal van de moeder omdat zij nooit opgaf een antwoord te vinden op haar vraag: 'Waar is mijn zoon?' Straczynski die vooral bekend werd met zijn science fiction televisieserie Babylon 5 (kenners zullen ontdekken dat de woorden 'never start a fight but always finish it' ook al werden uitgesproken door Captain Sheridan) ging op zoek naar een regisseur en vond Clint Eastwood. De bijna 80-jarige filmveteraan voelde zich direct aangesproken.

Changeling is aangenaam gestileerd tot in de kleinste details. Zachte tinten, veel bruin en groen en zwaar aangezette make-up met knalrode lippen. De broodmagere Jolie draagt prachtige kleren en overtuigt als de hardwerkende, alleenstaande moeder. Haar emoties weet ze goed af te wisselen met koelheid. Slechts een enkele maal slaat het door naar 'overacting'. In ieder geval bewijst Jolie dat ze heeft afgerekend met haar Lara Croft imago. Verder werken de spanningsbogen goed en heeft de film een goed ritme. Qua stijl is het een One flew over the cuckoo's nest meets L.A. Confidential: een ijzingwekkend verhaal verpakt in sfeervolle plaatjes. Wat een horrorfilm had kunnen zijn, is een 'feel good' film met als rode draad de nooit aflatende hoop van Christine Collins.

W.




Tag line: A life misunderestimated

Regie: Oliver Stone
Waar: check web-site

Oliver Stone is een bevlogen en productief filmmaker. Hij wordt vooral gedreven door politiek en de moderne geschiedenis. Een kleine greep uit zijn oeuvre:
Platoon (1986), Born on the the 4th of July (1989), JFK (1991), Nixon (1995), the People vs Larry Flint (1996).

Het is waarschijnlijk voor het eerst in de filmgeschiedenis dat een regisseur een film maakt over een ‘historische’ figuur: de 43e president van de Verenigde Staten, George Walker Bush. Een omstreden protagonist die nog in leven is. Bij het uitkomen van de film is deze president zelfs nog ‘in office’. Je moet het maar aan willen gaan. Stone doet het en dat is eigenlijk niet eens zo verbazingwekkend. Stone staat immers bekend als een regisseur die controverses niet uit de weg gaat. Bovendien deelt hij iets met George Bush. Ze zijn jaargenoten van Yale en al waren ze niet bevriend, ze kenden elkaar wel. Maar Oliver kwam uit een gewone familie en George uit een ongewone. De Bush familie is machtig en rijk. Ze stamt uit de tijd van de pilgrim fathers. De Bush familie heeft dat nooit onder stoelen of banken gestoken. Wie naar de Pieterskerk gaat zal zien dat George Bush Sr. op 17 juli 1989 de inwoners van Leiden toesprak. Een trots geslacht dus met een lange staat van dienst.

George is een charmante doch branieschopperige knul. Een niet erg intellectueel type die dus niet veel op heeft met studeren. Wetende dat zijn vader hem altijd uit de problemen haalt, loopt George er behoorlijk de kantjes van af. Stone zet Bush neer als een bevoorrechte jongen met een alcoholverslaving die liever lol maakt dan aan serieuze zaken denkt. Hij heeft zeker niet het profiel van een stoere, hard werkende, door het noodlot getergde held. Integendeel. Het maakt niet uit hoe erg George de zaken verprutst, vader is er altijd om hem te redden. De verhouding tussen vader en zoon wordt in W. best aangezet. Zo wordt duidelijk dat George eigenlijk ook niet altijd blij is met het feit dat hij het nooit goed kan doen bij zijn vader. Hij voelt dat hij niet de favoriete zoon is van poppy, zoals hij zijn vader noemt. Vader daarentegen ergert zich continu aan zijn oudste zoon. Wanneer George weer eens naar zijn kantoor komt omdat hij problemen heeft, dan kan vader het niet nalaten om te zeggen dat hij geen Kennedy is maar een Bush en dat hij zich ook zo moet gedragen. Pas rond zijn veertigste knapt er iets in het leven van George. Hij wordt streng gelovig en overtuigt van zijn voorbestemming. Uiteindelijk wordt hij zelfs president van de Verenigde Staten!

W. heeft een hoog tempo en springt behoorlijk heen en weer in tijd. Centraal staan de buitenlandse politiek, het creeeren van het concept 'de as van het kwaad' en de inval in Irak van 20 maart 2003 (operatie 'Iraqi Freedom') naar aanleiding van de mogelijke aanwezigheid van massavernietigingswapens. Binnen de republikeinse staf ontstaat verschil van mening. Vooral Powell en Rumsfeld zitten elkaar behoorlijk in de haren. Daar door heen monteert Stone cruciale momenten uit George's verleden (George's ontgroening op Yale, George in de gevangenis, George die wegloopt bij zijn baas, etc.). Het zijn vooral de Witte Huis momenten die een satirische uitwerking hebben. Dat heeft ongetwijfeld te maken met het feit dat al deze mensen actueel zijn.

Josh Brolin is over het algemeen genomen zeer geloofwaardig als George Bush. Vooral visueel oogt hij vanuit bepaalde camerastandpunten als twee druppels water met de echte George. Zo nu en dan is zijn acteren iets te 'gemanierd'. Maar goed, iemand immiteren blijft onnatuurlijk en zeker wanneer de persoon in kwestie zo bekend is als de president van de V.S.
Brolin overtuigt het meest wanneer hij als een acteur instinctmatig vertrouwt op de camera en zich rustig houdt. Het camerawerk en de montage getuigen van klasse en doen denken aan grote cineasten als Stanley Kubrick. De rest van de cast lijkt verbluffend veel op de echte personages: Richard Dreyfuss als VP Dick Cheney, Scott Glenn als Ronald Rumsfeld, Ellen Burstyn als Barbara Bush en James Cromwell als Bush Sr. Stuk voor stuk zijn ze overtuigend.

Ondanks het groot vakmanschap waarmee de film is gemaakt blijft W. hinken op twee benen. Het satirische en het belangwekkende zitten elkaar zo nu en dan in de weg. Sommige scenes zijn ongetwijfeld authentiek. George Bush staat bekend als een eenvoudige geest met een gevoel voor humor. En dat komt in W. zeker uit de verf. Sommige van zijn uitspraken zijn legendarisch. Voor de belangrijkste man van de wereld zijn dit misschien niet de goede kwaliteiten. Na het zien van W. blijkt George sympathiek maar simpel. Hoe het mogelijk is geweest dat hij president kon worden, die vraag wordt helaas niet beantwoord...of toch?

3:10 to Yuma (remake, 2007)


Tag line: Time waits for one man
Tag line (1957): The lonesome whistle of a train… bringing the gallows closer to a desperado – the showdown nearer to his captor

Regie: James Mangold
Waar: Kijkhuis, dagelijks 22:00 uur (check web site)

De openingsscene van 3:10 to Yuma liegt er niet om. Alle western-ingredienten worden uit de kast getrokken: paarden in volle rengalop, kruitdampen, bloed en veel stof. Snelle montage en trillende frames. Een zwaar bewapende geldkoets wordt overvallen. Je zit er meteen in.

De bende van Ben Wade (Russell Crowe) zit achter deze gruwelijke overval. Tegenover deze koudbloedige moordenaar staat Dan Evans (Christian Bale), de hard werkende rancher op de rand van de financiele afgrond. Samen met zijn twee zonen is Evans getuige van deze brute actie. Tot overmaat van ramp heeft Wade Evans' kudde ingezet om de geldkoets de weg te laten versperren.

Evans woont met zijn vrouw Alice (Gretchen Mol) en hun twee jonge zonen in een cabin op een stuk land in de woestijn van Arizona. Hun toch al moeilijke leven wordt onmogelijk gemaakt door een man die Hollander (Lennie Loftin) heet. Hollander's baas wil dat Evans opzout omdat zijn huis op de route van de toekomstige spoorweg ligt. Hollander steekt de stallen in de fik. Na vijf minuten is duidelijk wat voor vlees we in de kuip hebben en wie de good guys en wie de bad guys zijn.

Alle mannen van de geldkoets worden vermoord, op Byron McElroy, een van de bewakers, na. Dit is overigens een prachtige rol van veteraan Peter Fonda. In de loop van het verhaal wordt duidelijk dat McElroy een fundamentalist en opportunist (lees, ' overlever') bij uitstek is. Wade zal hem zijn leven sparen omdat hij hem wil laten lijden. De wraak zal later worden ingelost.

Wanneer Evans naar het stadje Brisbee gaat om verhaal te halen bij Hollander, kruist Wade opnieuw zijn pad. Wade wordt gearresteerd en moet de gevangenis in. Voor een beloning van 200 doller verhuurt Evans zichzelf om Wade op de trein naar Yuma te zetten. Samen met een handjevol mannen gaan ze op weg. Tijdens deze tocht zit de bende van Wade hen op de hielen, maar ook de Apaches laten van zich horen. Het is immers het wilde westen.

In Wade sluimtert een stukje goedheid en in Evans een stukje slechtheid. Dat maakt de karakters van Crowe en Bale zo interessant. Beiden slagen er in om deze gecompliceerde karakters uit te laten stijgen boven de ruwe bolster blanke pit en de opportunistische ranger. Wade weet veel ontzag te genereren onder zijn mannen en Evans is de huisvader die nauwelijks respect weet op te wekken bij zijn oudste zoon William.

3:10 to Yuma is een remake van de western met dezelfde naam uit 1957 onder regie van Delmer Daves. Het script werd ook nu geschreven door Halsted Wells. In de remake is ruimschoots aandacht voor de dynamiek tussen Dan Evans en Ben Wade. James Mangold levert met 3:10 to Yuma een overtuigende en traditoneel ogende western af. Voor de bende van Wade is ook meer aandacht dan in het orignineel. Zo verklaart Charlie Prince (Ben Foster) de persoon van Ben Wade.

Een western betekent kogels, ongeschoren mannen, drank en rivaliteit. Vrouwen komen er nauwelijks in voor. En waar ze dat wel doen zijn het avontuurlijke en mooie vrouwen die van saloon naar saloon trekken om hun brood te verdienen als zangeres, actrice, serveerster, barvrouw, prostituee. Of, het zijn vrome en hardwerkende huisvrouwen. In westerns blijven vrouwen hangen in stereotypen. De historische integriteit moet met een korrel zout worden genomen. Maar dat zal menigeen voor lief nemen bij een western als 3:10 to Yuma.

Brideshead Revisited



Tag line: Love is not ours to control 
 


Regie: Julian Jarrold 

Scenario: Andrew Davies & Jeremy Brock

Waar: Kijkhuis, dagelijks 21:00 uur (check web-site voor updates) 


Brideshead Revisited is een sfeervol plaatjesboek dat zich afspeelt rond een aristocratische katholieke familie en hun landhuis, Brideshead. De centrale figuur in het verhaal is Charles Ryder (Matthew Goode). Wanneer hij geschiedenis gaat studeren in Oxford komt hij in contact met de flamboyante Sebastian Flyte (Ben Wishaw) en diens homosexuele vriendenkring. Sebastian wordt verliefd op Charles en introduceert hem thuis. Charles wordt aanvankelijk geaccepteerd door de bijna geloofswaanzinnige moeder van Sebastian, Lady Marchmain (Emma Thompson). Zij denkt dat de gereserveerde Charles een goede invloed zal hebben op haar aan alchohol verslaafde zoon. Maar wanneer Charles meegaat naar Venetië, waar de vader van Sebastian met zijn minnares Cara (Greta Scacchi) woont, en verliefd wordt op dochter Julia Flyte (Hayley Atwell) krijgt de moeder argwaan en raakt Sebastian volledig de kluts kwijt. Lady Marchmain wil haar dochter namelijk uithuwelijken aan een man die katholiek is en zeker niet aan de ongelovige Charles. De teleurgestelde Sebastian verdwijnt met liefdesverdriet naar Marokko. Charles laat de familie los, trouwt en komt na een aantal jaren Julia tegen…

Natuurlijk ontkomt de regisseur Julian Jarrold, die met Becoming Jane ervaring op deed met het genre kostuumdrama, niet aan uitgebreide kritiek. In de eerste plaats is er de meesterlijke roman van Evelyn Waugh uit 1945. De klassieker over verboden liefde en het verlies van de onschuld. Naar aanleiding van dit boek werd in 1981 een televisieserie gemaakt. Deze serie was en is, want het staat nog steeds als een huis, een geslaagde uitwerking van de roman. Hier worden de religieuze belangen en de sociale relaties wel ruimschoots uitgewerkt. De afleveringen geven een gedetailleerd beeld van de gecompliceerde werkelijkheid van de Engelse aristocratie tussen de eerste en de tweede wereldoorlog. De katholieken vormden een minderheid. De sexuele normen en waarden en de spanningen daaromtrent geven voldoende stof voor een heus drama. Maar goed, er is dan ook voldoende tijd om dit uit de doeken te doen.

Helaas is Brideshead Revisited als speelfilm te saai en bij tijd en wijle zelfs verward. Jarrold slaagt er niet in om de kijker mee te nemen in de wereld die Brideshead heet. De acteurs blijven afstandelijk waardoor wij ons niet kunnen indentificeren met de personages. Wishaw is als de alcoholistische Sebastian eigenlijk pathetisch. Een veels te simpele uitwerking van dit gecompliceerde karakter uit de roman. Emma Thompson is als de katholieke moeder te karikaturaal. Eigenlijk zijn alle personages in de film simpel. Dat is jammer want het boek biedt zo veel meer aanknopingspunten. Brideshead Revisited is prachtig gefotografeerd met asymetrische en poëtische beelden. Maar de tweede helft van de film, wanneer Charles en Sebastian niets meer hebben, ontwikkelt zich platvloers zonder enige verbeeldingskracht.

Elegy



Regie: Isabel Coixet
Waar: Kijkhuis, dagelijks 21:30 uur (check web-site voor updates)

Mannen worden vaak veel aantrekkelijker naarmate hun leeftijd vordert. Dat lijkt zeker op te gaan voor David Kepesh (Ben Kingsley). Als gevierd professor in de literatuurgeschiedenis lukt het hem telkens weer om op charmante wijze een van zijn net afgestudeerde studentes het bed in te praten. Dat is uitgekookt want zo vermijdt hij mogelijke aanklachten van sexuele intimidatie. Kepesh is reeds voorbij de middelbare leeftijd. Hij heeft een krachtig libido. Ooit was hij getrouwd maar kwam er spoedig achter dat hij niet uit het huwelijkse hout was gesneden. Hij gaf de voorkeur aan het vrije leven. De enige vastigheden die hij heeft zijn een mooie carrière en zijn minnares Carolyn (Patricia Clarkson). Zij studeerde twintig jaar geleden bij hem af. Beiden zijn aan elkaar gewaagd omdat voor beiden hun relatie duidelijk is. Carolyn zal bijvoorbeeld nooit verwachten dat David haar op komt halen van het vliegveld of dat hij haar overlaadt met sieraden. En dat hoeft ook niet. Zij delen slechts het bed, een mooie fles wijn en een gesprek. Beiden laden hun accu op en gaan daarna weer vrolijk verder met hun eigen leven.

Zo begint Elegy met een beeld te schetsen van David Kepesh en zijn ‘losbandige’ en geregelde leven. Maar op een dag ontdekt hij Consuela Castillo (Penelope Cruz). Ze zit op de voorste rij tijdens zijn college en hij kan zijn ogen maar niet van haar af houden. Via zijn voice-over worden wij ingewijd in zijn overpeinzingen en motivaties. Zo begrijpt de kijker dat de mooie Cubaanse Consuela voor hem een geval apart is. Bij zijn jaarlijkse cocktail party, georganiseerd bij hem thuis, laat hij alle studentes links liggen. Hij heeft alleen oog voor Consuela. De geslepen versierder voelt zich voor het eerst sinds jaren onzeker wanneer hij haar uitnodigt om met hem naar een toneelstuk te gaan. En, natuurlijk gaat ze er op in. En dan begint het.

Steeds verder zakt David weg in de zoete liefde van deze jonge vrouw. Maar daarmee neemt zijn angst haar te verliezen aan een of andere knappe jongeman ernstig toe. David wordt jaloers en voelt zich uiteindelijk instabiel wanneer Consuela niet in zijn dircte omgeving is. David kent zich zelf niet meer. Zijn beste vriend en dichter George O’Hern (Dennis Hopper) raadt hem met klem aan deze vrouw onmiddelijk te dumpen. Ze heeft al veel te veel macht over hem. Al geeft David zijn vriend gelijk, op het moment suprême doet hij precies het tegenovergestelde en vraagt of ze met hem naar Parijs wil gaan. Het is duidelijk. David Kepesh zit er tot over zijn oren in.

Elegy is gebaseerd op het boek van de bekende Amerikaanse schrijver Philip Roth: The Dying Animal. Het boek is tot film script bewerkt door Nicolas Meyer. Elegy is een karakterschets van vooral de man David Kepesh. Het is zacht, zoet en soms melancholiek. De film is wel erg traag. Zo zijn de scenes tussen David en zijn zoon Kenny (Peter Sarsgaard) misschien overbodig. De scenes met Consuela in David’s flat worden lang uitgerekt met weliswaar prachtige, doch clichématige, muziek. Het is mede te danken aan de charismatische Kingsley, zo nu en dan verwikkeld in een scherp gesprek met Hopper, en natuurlijk de mysterieuze schoonheid van La Cruz, dat de film zonder een alles overheersende verveling uitgezeten kan worden.

Mongol - The untold story of Genghis Khan



Tag line: Greatness comes to those who take it

Regie: Sergei Bodrov
Scenario: Sergei Bodrov en Arif Aliyev
Waar: Kijkhuis, dagelijks 21:45 (check web site voor updates)

Mongol is een multidimensionaal portret van Temudgin, beter bekend als Genghis Khan. Het begint met zijn jeugd en eindigt met de veldslag die zijn lot als Khan voor altijd zal verzegelen. Onder zijn leiderschap beleefde het Mongoolse rijk een ongekend hoogtepunt. Genghis Khan wist namelijk in de 13e eeuw de Mongoolse clans te verenigen en zodoende de helft van de dan bekende wereld te veroveren.

Mysterie en controverse hebben het personage Genghis Khan altijd omringd. Het eerste literaire werk over zijn leven en de Mongolen in het algemeen dateert uit de middeleeuwen: 'de Geheime Geschiedenis van de Mongolen'. Het is waarschijnlijk geschreven enkele decennia na zijn dood. In de 19e eeuw werd deze tekst ontdekt door de Russische sinoloog Pallady Kafarov. Deze constateert dan dat dit geschrift in China had gediend als basistekst om de Mongoolse taal en cultuur te leren. Verder bevat de tekst een hoog gehalte aan mythologische associaties. Deze symbolen geven een beeld van het leven van deze nomaden als een ultiem natuurvolk. Zo zou Temudgin afstammen van een wolf.

De regisseur/auteur Sergei Bodrov en auteur Arif Aliyev hebben dit document als uitgangspunt genomen daarbij geholpen door een aantal Russische wetenschappers. Dergelijke historische films worden hier natuurlijk veel interessanter door. De film is een redelijk verantwoorde kennismaking met het personage Genghis Khan. Mongol is doorspekt met spectaculaire, gewelddadige slagveldscenes. Het bloed, dat hier letterlijk van het doek spat, is wel functioneel. Hier laat Bodrov zien dat Temudgin, gespeeld door de Japanse acteur Asano Tadanobu, een groot strategisch krijgsheer was die oorlog voeren tot zijn specialiteit had gemaakt. Zijn leger was aanvankelijk klein maar groeit snel, onder andere door zijn rechtvaardigheid tegenover zijn officieren en soldaten. Ghengis Khan reorganiseerde zijn leger en verenigde de Mongolen tot een volk. Hij combineerde een ijzeren discipline met een sterk gevoel voor loyaliteit.

Temudgin gaat regelmatig bidden in de bergen en komt dan direct in contact met zijn God. Dat Temudgin zou afstammen van een wolf wordt in deze scene succesvol geillustreerd. De prachtige fotografie van de wolf, die hem van bovenaf bespiedt, domineert dan even het filmmoment. Maar er is veel meer. Temudgin blijkt over een overleversmentaliteit te beschikken wat natuurlijk bij een krijgsheer van zijn formaat past. Ook is Shamanisme hem niet vreemd. Zo laat Bodrov zien dat Temudgin met de natuur weet om te gaan. Volgens de eerder genoemde tekst zou hij dat allemaal van zijn moeder hebben geleerd. In het leven van Temudgin zijn de vrouwen overigens zijn redders. Het zijn sterke vrouwen die geen blad voor hun mond nemen. Zo spreekt zijn vrouw Borte (Khulan Chuluun) twee soldaten bestraffend toe nadat ze iemand hebben gedood. En dat terwijl de net gevoerde en gewonnen oorlog met de Merkits in eerste instantie was gevoerd om haar te bevrijden..

De vroege jeugd van Temudgin, inclusief zijn ontmoeting met Borte, is gedraaid door de Nederlandse cameraman Rogier Stoffels. Voor de rest van de film was Stoffels niet beschikbaar waardoor Bodrov moest uitwijken naar Sergey Trofimov. Het verschil is niet merkbaar. De fotografie van beiden cameramannen is ronduit adembenemend. De productie, die begon in 2005, werd gedraaid op de oorspronkelijke locaties: China, Mongolie en Kazachstan. De totale duur van de opnames bedroeg 25 weken. Het draaischema werd verdeeld over drie seizoenen: zomer, herfst en winter. De professionele stuntmannen kwamen met hun eigen paarden. In de film wordt gezegd dat een paard belangrijker is dan een vrouw voor een Mongool. Volgens Bodrov, die zelf dol is op paarden, raakte geen enkel paard gewond en werden allen liefdevol verzorgd.

Bodrov heeft met een uitstekende crew en cast kunnen werken. De montage van de film was in handen van Zach Staenberg (the Matrix trilogy) en Valdis Oskarsdottir (Eternal Sunshine of the Spotless Mind). De talentvolle Dashi Namdakov ontwierp de set. Hij ontving er terecht een Nika award voor. De rol van Borte, de vrouw van Temudgin, bleek lastig in te vullen. Twee weken voor het draaien werd uiteindelijk Khulan Chuluun gevonden, een Mongoolse studente zonder enige acteerervaring. Dat ze talent heeft bewijst ze zonder meer.

De soundtrack, georchestreerd door de Finse Tuomas Kantelinen, is zeer de moeite waard. We horen de zogenaamde keelzingers of "chömei", de brommerige zangtechniek die door veel nomadische volken in Centraal Azie wordt toegepast. Verder was de succesvolle acht koppige Mongoolse folk-rock band Altan Urag betrokken bij het project. Eerder verzorgden zij de soundtrack voor de Mongoolse speelfilm Khadak. Bodrov vertelt dat hij bij het horen van deze muziek direct verliefd werd op hun geluid. Alles viel zodoende op zijn plaats. Een film die gemaakt is met veel liefde, dat straalt er van af.

Over de Grote Khan zijn nog altijd veel verhalen in omloop. Zo zou men in 2006 zijn paleis hebben ontdekt in Mongolie. Men speculeert over de locatie van zijn begraafplaats die zich mogelijkerwijs in dit paleis zou bevinden. Volgens een legende staat er op zijn graf geschreven: Als ik nog in leven was, zouden de mensen niet blij zijn.

In Bruges



Tag line: Shoot first. Sightsee later.

Regie/ Scenario: Martin MacDonagh
Waar: Kijkhuis, dagelijks 19:30 en 22:00 uur (check Kijkhuis – Trianon, Filmladder)

In Bruges is een tragikomische misdaadfilm over twee Ierse huurmoordenaars die van hun baas (Ralph Fiennes) na een uit de hand gelopen opdracht moeten onderduiken in Brugge. De film wordt gekenmerkt door scherp geschreven dialogen, formidabele acteerprestaties en onverwachte wendingen. Martin MacDonagh is een regisseur die we zeker in de gaten moeten houden. Eerder won hij een oscar voor regie en script van Six Shooter (2004). Deze korte film kan worden beschouwd als een stijloefening.

Ken (Norman Gleeson) en Ray (Colin Farell) hebben allebei zo hun eigen opvattingen over Brugge. Ken is gecharmeerd van de rijke historie en ziet wel wat in een sightsee vakantie in deze stad met zijn prachtig geconserveerde architectuur, sprookjesachtige kanalen en hobbelige kasseien. Ray daarentegen vindt het maar een gore stinkstad. Hij haat Brugge direct, vergelijkt het zelfs met de hel en is al helemaal niet geinteresseerd in geschiedenis. Hij drinkt liever biertjes in de bar. Zijn directe humor in combinatie met zijn cynisme werken aanstekelijk. Ken daarentegen is een door de wol geverfde hitman die genoeg begint te krijgen van dit vak. Als een soort mentor ontfermt hij zich over Ray die al snel in de problemen komt met enkele locals. Ondanks de grote verschillen in karakter blijken ze uiteindelijk veel om elkaar te geven.

Een dergelijk thema, twee boeven met een knagend geweten in een vreemde stad, is niet nieuw. Maar MacDonagh weet de drukkende, mysterieuze sfeer van het mistige Brugge en het curieuze van de twee ontheemde Ieren minutieus uit te buiten. Het verhaal staat bol van kunstige verwijzingen en zijlingse symboliek. Ken en Ray zijn niet zomaar ‘hard core’, een-dimensionale criminelen. Ze stellen duidelijk grenzen aan geweld. Dat maakt de film er overigens niet minder gewelddadig om. Wat rustig begint escaleert aanzienlijk. Het knappe is echter dat In Bruges ondanks de hardheid en de gewelddadigheid een ontroerend effect kan bewerkstelligen.

In Bruges doet qua stijl denken aan het werk van onder andere Quention Tarantino: briljant geschreven, bijna filosofische dialogen. MacDonagh is van huis uit een toneelschrijver en dat zal mede verklaren waarom zijn dialogen zo enorm goed in elkaar steken. Een van de vele voorbeelden:

Ken: Harry, let's face it. And I'm not being funny. I mean no disrespect, but you're a cunt. You're a cunt now, and you've always been a cunt. And the only thing that's going to change is that you're going to be an even bigger cunt. Maybe have some more cunt kids.
Harry: [furious] Leave my kids fucking out of it! What have they done? You fucking retract that bit about my cunt fucking kids!
Ken: I retract that bit about your cunt fucking kids.
Harry: Insult my fucking kids? That's going overboard, mate!
Ken: I retracted it, didn't I?

Ondanks de bloedige scenes en het ruige taalgebruik slaagt MacDonagh er in om het geheel smaakvol te houden. Brugge komt er als toeristische attractie zeer aardig van af, al overheerst een drukkend en ijselijk gevoel versterkt door de blauwe kleur en de mist. In die zin lijkt In Bruges op Nicolas Roeg’s Don’t Look Now dat zich afspeelt in Venetië en waar MacDonagh regelmatig naar refereert. Voor deze productie hebben de kerststallen tot eind maart in de binnenstad gestaan. De burgemeester heeft heel wat moeten uitleggen aan de inwoners en de toeristen. Het resultaat is verbluffend. Een must see !

The Happening


Tag line: We've Sensed It. We've seen the signs. Now, it's happening..

Regie: M. Night Shymalan (Manoj Nelliyattu Shyamalan)
Waar: Trianon, dagelijks 19:00 en 21:30 (check web site)

The Happening is een eco-thriller waarin een onzichtbare vijand plotseling het bestaan van de mensheid ernstig bedreigd. Een verborgen antagonist zet grote groepen mensen aan tot het plegen van gruwelijke zelfmoorden. Het begint in Central Park, New York en verspreid zich binnen een dag naar de aangrenzende staten in het noordoosten van de V.S.

Elliot (Mark Wahlberg) is een biologieleraar in Philadelphia die zijn studenten respect en erkennig voor de wetenschap probeert bij te brengen. Zijn vrouw Alma (Zooey Deschanel) is wat zoekende en onzeker over hun relatie en daardoor zit hun huwelijk in een dip. Om dat uit te werken neemt Shymalan nauwelijks tijd want hij laat Alma, Elliot en diens collega Julian (John Leguizamo) en zijn dochtertje Jess (Ashlyn Sanchez) zo snel mogelijk de stad uit vluchten. En dan begint een bizarre trek weg uit deze onbegrijpelijke verschrikking die steeds meer mensen aanzet tot zelfdoding. Al snel wordt duidelijk dat van een terroristische aanslag geen sprake is maar dat Moeder Aarde hier achter zit. Bij Shymalan zit het wezenlijke vaak in ogenschijnlijk onbelangrijke dingen. Dus is de liefde tussen Elliot en Alma is een belangrijker gegeven in de film dan dat het op het oog lijkt. Het is misschien jammer dat dit niet verder wordt uitgebouwd hoewel die spanning aan het eind wel wordt ingelost.

Wie een fan is van het werk van Shymalan (The Sixth Sense,The Village, Wide Awake) en van griezelen houdt zal The Happening wellicht kunnen waarderen. Als geslaagde thriller is de film echter te oppervlakkig en te slecht uitgewerkt. Sommige beelden zijn weliswaar huiveringwekkend en printen zich vast in het geheugen. Maar uiteindelijk is dat niet genoeg om de film te redden. Misschien heeft Shymalan zich laten inspireren door The Birds van Alfred Hitchcock. Maar de spanning die Hitchcock weet op te voeren én vast te houden is bij The Happening ver te zoeken. Eingelijk herhaalt Shymalan zich zelf. Zeker, als regisseur van het horror genre is hij bekwaam maar hij slaagt er niet in om vernieuwend te zijn of te blijven boeien.Zo wordt de spanning absoluut niet bevorderd door een toenemend aantal gruwelijke zelfdodingen. Desalnietemin, als een zomers niemendalletje kan The Happening er mee door. Als een serieuze thriller redt de film het niet en gaat het ten onder in zijn veelbelovende, onvoeldoende, uitgewerkte thema: de mens en de gruwelijk mooie relatie met de blauwe planeet.

Il y a Longtemps Que Je T'aime



Regie: Philippe Claudel
Waar: Trianon, dagelijks 18:45 en 21:30 uur (check web site)

Een film met Kristin Scott Thomas in de hoofdrol betekent genieten van een zuivere actrice met een groots talent voor gelaagd acteren. Ook in dit regiedebuut van Philippe Claudel schittert Scott Thomas als de koele, ingewikkelde en mysterieuze Juliette. Al domineert ze weliswaar bijna elke scène in de film, Claudel speelt het klaar om het geheel ingetogen te houden. Dat hij daarbij wordt geholpen door de door de wol geverfde Scott Thomas is evident. Eigenlijk is het onvoorstelbaar dat Scott Thomas dit jaar niet de Berlijnse Gouden Beer heeft ontvangen voor deze hoofdrol.

Il y a Longtemps Que Je T’aime is een familiedrama, geschreven én geregisseerd door Philippe Claudel. In Frankrijk zijn schrijvers die hun eigen werk verfilmen een normaal verschijnsel. De zogenaamde ‘auteur-réalisateur’ vormt in de Franse filmwereld ongeveer de hoogst bereikbare positie. De reeds gevierde schrijver Claudel maakt met Il y a Longtemps Que Je T’aime een geslaagd debuut hoewel sommige dialogen overschreven zijn. Dat zal dan te wijten zijn aan een schrijver die achter de camera staat.

Juliette heeft vijftien jaar in de gevangenis gezeten en is mede hierdoor behoorlijk vervreemd geraakt. Haar zus Léa (Elsa Zylberstein) kampt met schuldgevoelens en besluit om Juliette op te nemen in haar gezin. Claudel neemt zijn tijd, als in een boek, om stapje voor stapje tipjes van de sluier op te lichten. We zien Juliette’s karakter langzaam loskomen vanuit het koele en het gedesillusioneerde. Visueel ziet dat er ongeveer zo uit: een slecht geklede vrouw in een dikke wollen mantel verandert in een charmante dame in luchtige jurkjes. Zelfs Juliette’s haar gaat glanzen! Langzaam hervindt Juliette haar plaats in de maatschappij daarbij onvoorwaardelijk gesteund door Léa en een enkeling uit diens academische vriendenkring. Natuurlijk komen we steeds meer te weten over het afschuwelijke drama van deze vrouw. Langzaam vormen de stukjes een geheel.

De titel van de film verwijst overigens naar een zin uit een liedje dat de twee zussen samen zongen toen ze nog kleine meisjes waren. Juliette zal dit liedje in de loop van de film leren aan P'tit Lys (Lise Ségur), een van de geadopteerde dochtertjes van Léa. Overigens een prachtige rol van dit kleine meiske. Het liedje staat symbool voor de hernieuwde band tussen Juliette en Léa. Claudel slaagt er, ondanks alles, niet in om de onderhuidse spanning tussen deze twee totaal verschillende levens vast te houden al regisseert hij zijn acteurs goed. Hij heeft oog voor detail en hij chargeert de emoties niet. En misschien is het daarom dat het ontroerende einde een ontluisterend effect heeft. Want we weten eigenlijk al lang wat er aan de hand is.

Happy-Go-Lucky



Regie: Mike Leigh
Waar: Kijkhuis, dagelijks 19:30 en 22:00 uur (check web site)
Met Happy-Go-Lucky heeft Mike Leigh een film afgeleverd waar hij dicht op de huid zit van zijn acteurs. Dat betekent dat de algehele verschijning en het karakter van Pauline, die als Poppy door het leven gaat, je moet raken of fascineren. Zo niet, dan zou de film wel eens een lange zit kunnen zijn. In die zin is Happy-Go-Lucky niet voor iedereen geschikt. En al speelt het verhaal zich af in het fotogenieke zomerse Londen, wat aardige plaatjes oplevert, voor de film is dit gegeven absoluut niet relevant.

De excentriek geklede, zeer Britse, Poppy (Sally Hawkins) is een bijna ziekelijk optimistische alleenstaande lerares van 30 jaar. Ze deelt reeds tien jaar een appartement met een bevriende lerares Zoe (Alexis Zegerman). Eigenlijk heeft Poppy een onbezorgd leventje. Maar het is niet zo dat ze niet verlangt naar een relatie. Het is gewoon nog niet op haar pad gekomen. En dat accepteert ze en gaat niet bij de pakken neer zitten. Als op een dag haar fiets wordt gestolen is ook dat een grapje waard. Ze besluit om rijlessen te gaan nemen. En deze scenes vormen de ruggegraat van de film en zijn ongetwijfeld de meest hilarische. Poppy en haar paranoïde rij-instructeur Scott (Eddie Marsan) zijn elkaars tegenpolen waarbij de laatste fenomenaal acteert. Uiteindelijk zal Scott een gevoelige bekentenis doen. En dan blijkt dat Poppy niet zo naief is als ze aan de oppervlakte uitstraalt. Haar voornaamste, en zo nu en dan meest irritante, karaktertrek is haar flauwe gevoel voor humor. En haar lachje. Desondanks is Hawkins in staat om Poppy zo nu en dan ontwapenend en daadkrachtig te laten zijn. Als een van haar leerlingen te maken krijgt met huiselijk geweld kan Poppy voortvarend optreden. Dat Leigh dit incident als vehikel gebruikt om Poppy aan een man te helpen is daarbij wel wat bitter.

Happy-Go-Lucky is een film die voortkabbelt. Waarschijnlijk ligt er heel wat gesneuveld materiaal op de vloer van de montagesuite. Een echt plot is er niet. De dialogen zijn bijna cartoonesk. Mike Leigh wordt terecht een ‘sociaal realist’ genoemd. Dit betekent overigens niet dat Leigh’s werk documentair aandoet. Leigh blijft daar te gestileerd voor. Dit is onder andere zichtbaar in het camerawerk van Dick Pope. Een voorbeeld daarvan is het strakke kader in de trampolinescene waar Poppy in en uit het beeld springt. Het kleurenpalet van Happy-Go-Lucky is vrolijk. De zon schijnt altijd en er is bijna nooit een wolkje in de lucht. Tijdens het 2008 Film Festival van Berlijn, waar Hawkins voor haar rol als Poppy een Gouden Beer in ontvangst mocht nemen, verklaarde Leigh dat hij ‘een film wilde maken over wat miljoenen mensen doen. En dat het niet allemaal ellende is in de wereld.’ Een opmerkelijke uitspraak van een regisseur die Naked (1993) regisseerde, in veel opzichten de tegenhanger van Happy-Go-Lucky.

Leigh is een opmerkelijk regisseur met een speciale werkwijze. Zo repeteert hij maanden met zijn cast, vervolgens schrijft hij het script waarbij de dialogen vaak improviserend zijn ontstaan, en pas dan draait hij de film. De acteurs weten wat ze moeten doen maar het grote plaatje kennen ze niet.

Happy-Go-Lucky is een aanrader voor hen die vooral houden van een gezellige film zonder veel complicaties. Maar zoals eerder aangegeven is het daarbij wel essentieel dat de wat maffe Poppy je moet bekoren. Als dat zo is dan valt er van Happy-Go-Lucky volop te genieten.

Persepolis


Regie
: Marjane Satrapi en Vincent Paronnaud
Waar: Kijkhuis, dagelijks 19:15 uur (check website voor updates)



In de bijna zwart-film animatiefilm Persepolis is Marji, Marjane Satrapi, een opgroeiend meisje in het Iran van de eind jaren ’70. De revolutie en de oorlog met buurland Irak vormen het decor van Marjane’s psychologische en sociale ontwikkeling tot de vrouw die uiteindelijk zal besluiten zich in Parijs te vestigen. Gevoelige thematiek.


Marjane Satrapi is een cartoonist die woont en werkt in Parijs. Ze werd bekend door haar stripboek Persepolis. Het besluit dit boek te verfilmen was verstandig getuige de internationale positieve kritiek die Satrapi en Paronnaud ontvangen. Persepolis is een met veel liefde gemaakte animatiefilm. Een ouderwetse, zoals die 40 jaar geleden nog werden gemaakt, handgetekend. Voor de Engelse versie werden Gena Rowlands, Sean Penn en Iggy Pop gevraagd. Zij verleenden graag hun medewerking. Persepolis is een juweeltje. De film won geen Oscar maar wel de Publieksprijs in Rotterdam en de Juryprijs in Cannes.

Marji (Marjane) is een nieuwsgierig en slim meisje. Ze is ook een brutaaltje. Ze marcheert door de kamer en is een groot bewonderaar van Bruce Lee. Ze luistert naar Iron Maiden en haalt op straat kattekwaad uit met haar vriendjes en vriendinnetjes. We leren haar lieve vader (Sean Penn) en moeder (Catherine Deneuve) kennen en haar oom Anouche (Iggy Pop), die vanwege zijn politieke overtuiging en vaderlandsliefde uiteindelijk geëxecuteerd zal worden. Verder haar oma (Gena Rowlands) die zich als een beschermengel door Marjane’s leven beweegt. Oma is kritisch, lief en behoorlijk ongeremd. Ze stopt jasmijnbloesems in haar bustier waardoor ze altijd heerlijk ruikt. Marjane is dol op haar oma die haar onvoorwaardelijk adoreert. Dan is er verder nog de sociale omgeving die veelal wordt bepaald door de locatie: over het algemeen onsympathieke mannen in het verkeer en op bankjes, moeders (Wachtsters van de Revolutie) in chador die zich letterlijk buigen over Marjane’s verschijning en haar ‘symbolen’ (punk is not ded en Michael Jackson) en klasgenootjes wiens vaders communisten vermoorden.

De impliciete kritiek van Marjane op Iran richt zich niet uitsluitend op de mannelijke dominantie en de hypocrisie van de Iraanse overheid. De vinger wijst ook naar het westen dat destijds de Sjah Mohammed Reza Pahlavi steunde en wapens leverde. Knap is de balans tussen harde werkelijkheid en humor. Zo zijn we bijvoorbeeld getuige van Marjane’s metamorfose tot vrouw. Volgens haar gebeurde dat in één nacht. Of zijn we bij een tekenles waarbij het model is gekleed in een burka. De kracht van animatie komt dan volledig tot zijn recht. Ook zingt Marjane ‘The Eye of the Tiger’ (de hit van Survivor in 1982) terwijl zij zich uit een depressie aan het aerobikken is. Eigenlijk laat Persepolis de geschiedenis van Iran zien. Verschillende familieleden vertellen hun persoonlijke verhalen door de ogen van Marjane in een veranderende Iraanse samenleving.

Ondanks de thematiek is Persepolis zeer toegankelijk. Door de animatie kunnen we voldoende afstand nemen van de hoofdpersonages. Hoewel er zeker een aantal hartverscheurende momenten zijn. Maar bij een speelfilm zou dit al snel clichématig worden. In Persepolis is alles 100% geloofwaardig. In Iran werd de film helaas niet goed ontvangen. Er schijnt een behoorlijke ophef te zijn geweest naar aanleiding van de film. Op speciaal verzoek van de Iraanse ambassade werd de film van het programma gehaald van het Bangkok Filmfestival 2007.

Persepolis is een 'coming of age' verhaal, kritisch en poetisch. De makers hebben een universeel herkenbare film gemaakt waarin etniciteit minder belangrijk is dan de verschillende personages met hun eigenaardigheden en problemen. Marjane’s oma blijft een rots in de branding. Het zijn haar wijsheid en levenservaring die Marjane steunen in tijden dat het niet goed met haar gaat. Oma zegt bijvoorbeeld: ‘Wanneer vervelende mensen je pijn doen moet je je realiseren dat hun eigen domheid verantwoordelijk is voor hun gedrag.’ Maar ook: ‘Het eerste huwelijk is niets meer dan een oefening voor het volgende.’ En wie kan dat nou beter zeggen dan La Rowlands!