W.




Tag line: A life misunderestimated

Regie: Oliver Stone
Waar: check web-site

Oliver Stone is een bevlogen en productief filmmaker. Hij wordt vooral gedreven door politiek en de moderne geschiedenis. Een kleine greep uit zijn oeuvre:
Platoon (1986), Born on the the 4th of July (1989), JFK (1991), Nixon (1995), the People vs Larry Flint (1996).

Het is waarschijnlijk voor het eerst in de filmgeschiedenis dat een regisseur een film maakt over een ‘historische’ figuur: de 43e president van de Verenigde Staten, George Walker Bush. Een omstreden protagonist die nog in leven is. Bij het uitkomen van de film is deze president zelfs nog ‘in office’. Je moet het maar aan willen gaan. Stone doet het en dat is eigenlijk niet eens zo verbazingwekkend. Stone staat immers bekend als een regisseur die controverses niet uit de weg gaat. Bovendien deelt hij iets met George Bush. Ze zijn jaargenoten van Yale en al waren ze niet bevriend, ze kenden elkaar wel. Maar Oliver kwam uit een gewone familie en George uit een ongewone. De Bush familie is machtig en rijk. Ze stamt uit de tijd van de pilgrim fathers. De Bush familie heeft dat nooit onder stoelen of banken gestoken. Wie naar de Pieterskerk gaat zal zien dat George Bush Sr. op 17 juli 1989 de inwoners van Leiden toesprak. Een trots geslacht dus met een lange staat van dienst.

George is een charmante doch branieschopperige knul. Een niet erg intellectueel type die dus niet veel op heeft met studeren. Wetende dat zijn vader hem altijd uit de problemen haalt, loopt George er behoorlijk de kantjes van af. Stone zet Bush neer als een bevoorrechte jongen met een alcoholverslaving die liever lol maakt dan aan serieuze zaken denkt. Hij heeft zeker niet het profiel van een stoere, hard werkende, door het noodlot getergde held. Integendeel. Het maakt niet uit hoe erg George de zaken verprutst, vader is er altijd om hem te redden. De verhouding tussen vader en zoon wordt in W. best aangezet. Zo wordt duidelijk dat George eigenlijk ook niet altijd blij is met het feit dat hij het nooit goed kan doen bij zijn vader. Hij voelt dat hij niet de favoriete zoon is van poppy, zoals hij zijn vader noemt. Vader daarentegen ergert zich continu aan zijn oudste zoon. Wanneer George weer eens naar zijn kantoor komt omdat hij problemen heeft, dan kan vader het niet nalaten om te zeggen dat hij geen Kennedy is maar een Bush en dat hij zich ook zo moet gedragen. Pas rond zijn veertigste knapt er iets in het leven van George. Hij wordt streng gelovig en overtuigt van zijn voorbestemming. Uiteindelijk wordt hij zelfs president van de Verenigde Staten!

W. heeft een hoog tempo en springt behoorlijk heen en weer in tijd. Centraal staan de buitenlandse politiek, het creeeren van het concept 'de as van het kwaad' en de inval in Irak van 20 maart 2003 (operatie 'Iraqi Freedom') naar aanleiding van de mogelijke aanwezigheid van massavernietigingswapens. Binnen de republikeinse staf ontstaat verschil van mening. Vooral Powell en Rumsfeld zitten elkaar behoorlijk in de haren. Daar door heen monteert Stone cruciale momenten uit George's verleden (George's ontgroening op Yale, George in de gevangenis, George die wegloopt bij zijn baas, etc.). Het zijn vooral de Witte Huis momenten die een satirische uitwerking hebben. Dat heeft ongetwijfeld te maken met het feit dat al deze mensen actueel zijn.

Josh Brolin is over het algemeen genomen zeer geloofwaardig als George Bush. Vooral visueel oogt hij vanuit bepaalde camerastandpunten als twee druppels water met de echte George. Zo nu en dan is zijn acteren iets te 'gemanierd'. Maar goed, iemand immiteren blijft onnatuurlijk en zeker wanneer de persoon in kwestie zo bekend is als de president van de V.S.
Brolin overtuigt het meest wanneer hij als een acteur instinctmatig vertrouwt op de camera en zich rustig houdt. Het camerawerk en de montage getuigen van klasse en doen denken aan grote cineasten als Stanley Kubrick. De rest van de cast lijkt verbluffend veel op de echte personages: Richard Dreyfuss als VP Dick Cheney, Scott Glenn als Ronald Rumsfeld, Ellen Burstyn als Barbara Bush en James Cromwell als Bush Sr. Stuk voor stuk zijn ze overtuigend.

Ondanks het groot vakmanschap waarmee de film is gemaakt blijft W. hinken op twee benen. Het satirische en het belangwekkende zitten elkaar zo nu en dan in de weg. Sommige scenes zijn ongetwijfeld authentiek. George Bush staat bekend als een eenvoudige geest met een gevoel voor humor. En dat komt in W. zeker uit de verf. Sommige van zijn uitspraken zijn legendarisch. Voor de belangrijkste man van de wereld zijn dit misschien niet de goede kwaliteiten. Na het zien van W. blijkt George sympathiek maar simpel. Hoe het mogelijk is geweest dat hij president kon worden, die vraag wordt helaas niet beantwoord...of toch?

3:10 to Yuma (remake, 2007)


Tag line: Time waits for one man
Tag line (1957): The lonesome whistle of a train… bringing the gallows closer to a desperado – the showdown nearer to his captor

Regie: James Mangold
Waar: Kijkhuis, dagelijks 22:00 uur (check web site)

De openingsscene van 3:10 to Yuma liegt er niet om. Alle western-ingredienten worden uit de kast getrokken: paarden in volle rengalop, kruitdampen, bloed en veel stof. Snelle montage en trillende frames. Een zwaar bewapende geldkoets wordt overvallen. Je zit er meteen in.

De bende van Ben Wade (Russell Crowe) zit achter deze gruwelijke overval. Tegenover deze koudbloedige moordenaar staat Dan Evans (Christian Bale), de hard werkende rancher op de rand van de financiele afgrond. Samen met zijn twee zonen is Evans getuige van deze brute actie. Tot overmaat van ramp heeft Wade Evans' kudde ingezet om de geldkoets de weg te laten versperren.

Evans woont met zijn vrouw Alice (Gretchen Mol) en hun twee jonge zonen in een cabin op een stuk land in de woestijn van Arizona. Hun toch al moeilijke leven wordt onmogelijk gemaakt door een man die Hollander (Lennie Loftin) heet. Hollander's baas wil dat Evans opzout omdat zijn huis op de route van de toekomstige spoorweg ligt. Hollander steekt de stallen in de fik. Na vijf minuten is duidelijk wat voor vlees we in de kuip hebben en wie de good guys en wie de bad guys zijn.

Alle mannen van de geldkoets worden vermoord, op Byron McElroy, een van de bewakers, na. Dit is overigens een prachtige rol van veteraan Peter Fonda. In de loop van het verhaal wordt duidelijk dat McElroy een fundamentalist en opportunist (lees, ' overlever') bij uitstek is. Wade zal hem zijn leven sparen omdat hij hem wil laten lijden. De wraak zal later worden ingelost.

Wanneer Evans naar het stadje Brisbee gaat om verhaal te halen bij Hollander, kruist Wade opnieuw zijn pad. Wade wordt gearresteerd en moet de gevangenis in. Voor een beloning van 200 doller verhuurt Evans zichzelf om Wade op de trein naar Yuma te zetten. Samen met een handjevol mannen gaan ze op weg. Tijdens deze tocht zit de bende van Wade hen op de hielen, maar ook de Apaches laten van zich horen. Het is immers het wilde westen.

In Wade sluimtert een stukje goedheid en in Evans een stukje slechtheid. Dat maakt de karakters van Crowe en Bale zo interessant. Beiden slagen er in om deze gecompliceerde karakters uit te laten stijgen boven de ruwe bolster blanke pit en de opportunistische ranger. Wade weet veel ontzag te genereren onder zijn mannen en Evans is de huisvader die nauwelijks respect weet op te wekken bij zijn oudste zoon William.

3:10 to Yuma is een remake van de western met dezelfde naam uit 1957 onder regie van Delmer Daves. Het script werd ook nu geschreven door Halsted Wells. In de remake is ruimschoots aandacht voor de dynamiek tussen Dan Evans en Ben Wade. James Mangold levert met 3:10 to Yuma een overtuigende en traditoneel ogende western af. Voor de bende van Wade is ook meer aandacht dan in het orignineel. Zo verklaart Charlie Prince (Ben Foster) de persoon van Ben Wade.

Een western betekent kogels, ongeschoren mannen, drank en rivaliteit. Vrouwen komen er nauwelijks in voor. En waar ze dat wel doen zijn het avontuurlijke en mooie vrouwen die van saloon naar saloon trekken om hun brood te verdienen als zangeres, actrice, serveerster, barvrouw, prostituee. Of, het zijn vrome en hardwerkende huisvrouwen. In westerns blijven vrouwen hangen in stereotypen. De historische integriteit moet met een korrel zout worden genomen. Maar dat zal menigeen voor lief nemen bij een western als 3:10 to Yuma.

Brideshead Revisited



Tag line: Love is not ours to control 
 


Regie: Julian Jarrold 

Scenario: Andrew Davies & Jeremy Brock

Waar: Kijkhuis, dagelijks 21:00 uur (check web-site voor updates) 


Brideshead Revisited is een sfeervol plaatjesboek dat zich afspeelt rond een aristocratische katholieke familie en hun landhuis, Brideshead. De centrale figuur in het verhaal is Charles Ryder (Matthew Goode). Wanneer hij geschiedenis gaat studeren in Oxford komt hij in contact met de flamboyante Sebastian Flyte (Ben Wishaw) en diens homosexuele vriendenkring. Sebastian wordt verliefd op Charles en introduceert hem thuis. Charles wordt aanvankelijk geaccepteerd door de bijna geloofswaanzinnige moeder van Sebastian, Lady Marchmain (Emma Thompson). Zij denkt dat de gereserveerde Charles een goede invloed zal hebben op haar aan alchohol verslaafde zoon. Maar wanneer Charles meegaat naar Venetië, waar de vader van Sebastian met zijn minnares Cara (Greta Scacchi) woont, en verliefd wordt op dochter Julia Flyte (Hayley Atwell) krijgt de moeder argwaan en raakt Sebastian volledig de kluts kwijt. Lady Marchmain wil haar dochter namelijk uithuwelijken aan een man die katholiek is en zeker niet aan de ongelovige Charles. De teleurgestelde Sebastian verdwijnt met liefdesverdriet naar Marokko. Charles laat de familie los, trouwt en komt na een aantal jaren Julia tegen…

Natuurlijk ontkomt de regisseur Julian Jarrold, die met Becoming Jane ervaring op deed met het genre kostuumdrama, niet aan uitgebreide kritiek. In de eerste plaats is er de meesterlijke roman van Evelyn Waugh uit 1945. De klassieker over verboden liefde en het verlies van de onschuld. Naar aanleiding van dit boek werd in 1981 een televisieserie gemaakt. Deze serie was en is, want het staat nog steeds als een huis, een geslaagde uitwerking van de roman. Hier worden de religieuze belangen en de sociale relaties wel ruimschoots uitgewerkt. De afleveringen geven een gedetailleerd beeld van de gecompliceerde werkelijkheid van de Engelse aristocratie tussen de eerste en de tweede wereldoorlog. De katholieken vormden een minderheid. De sexuele normen en waarden en de spanningen daaromtrent geven voldoende stof voor een heus drama. Maar goed, er is dan ook voldoende tijd om dit uit de doeken te doen.

Helaas is Brideshead Revisited als speelfilm te saai en bij tijd en wijle zelfs verward. Jarrold slaagt er niet in om de kijker mee te nemen in de wereld die Brideshead heet. De acteurs blijven afstandelijk waardoor wij ons niet kunnen indentificeren met de personages. Wishaw is als de alcoholistische Sebastian eigenlijk pathetisch. Een veels te simpele uitwerking van dit gecompliceerde karakter uit de roman. Emma Thompson is als de katholieke moeder te karikaturaal. Eigenlijk zijn alle personages in de film simpel. Dat is jammer want het boek biedt zo veel meer aanknopingspunten. Brideshead Revisited is prachtig gefotografeerd met asymetrische en poëtische beelden. Maar de tweede helft van de film, wanneer Charles en Sebastian niets meer hebben, ontwikkelt zich platvloers zonder enige verbeeldingskracht.

Elegy



Regie: Isabel Coixet
Waar: Kijkhuis, dagelijks 21:30 uur (check web-site voor updates)

Mannen worden vaak veel aantrekkelijker naarmate hun leeftijd vordert. Dat lijkt zeker op te gaan voor David Kepesh (Ben Kingsley). Als gevierd professor in de literatuurgeschiedenis lukt het hem telkens weer om op charmante wijze een van zijn net afgestudeerde studentes het bed in te praten. Dat is uitgekookt want zo vermijdt hij mogelijke aanklachten van sexuele intimidatie. Kepesh is reeds voorbij de middelbare leeftijd. Hij heeft een krachtig libido. Ooit was hij getrouwd maar kwam er spoedig achter dat hij niet uit het huwelijkse hout was gesneden. Hij gaf de voorkeur aan het vrije leven. De enige vastigheden die hij heeft zijn een mooie carrière en zijn minnares Carolyn (Patricia Clarkson). Zij studeerde twintig jaar geleden bij hem af. Beiden zijn aan elkaar gewaagd omdat voor beiden hun relatie duidelijk is. Carolyn zal bijvoorbeeld nooit verwachten dat David haar op komt halen van het vliegveld of dat hij haar overlaadt met sieraden. En dat hoeft ook niet. Zij delen slechts het bed, een mooie fles wijn en een gesprek. Beiden laden hun accu op en gaan daarna weer vrolijk verder met hun eigen leven.

Zo begint Elegy met een beeld te schetsen van David Kepesh en zijn ‘losbandige’ en geregelde leven. Maar op een dag ontdekt hij Consuela Castillo (Penelope Cruz). Ze zit op de voorste rij tijdens zijn college en hij kan zijn ogen maar niet van haar af houden. Via zijn voice-over worden wij ingewijd in zijn overpeinzingen en motivaties. Zo begrijpt de kijker dat de mooie Cubaanse Consuela voor hem een geval apart is. Bij zijn jaarlijkse cocktail party, georganiseerd bij hem thuis, laat hij alle studentes links liggen. Hij heeft alleen oog voor Consuela. De geslepen versierder voelt zich voor het eerst sinds jaren onzeker wanneer hij haar uitnodigt om met hem naar een toneelstuk te gaan. En, natuurlijk gaat ze er op in. En dan begint het.

Steeds verder zakt David weg in de zoete liefde van deze jonge vrouw. Maar daarmee neemt zijn angst haar te verliezen aan een of andere knappe jongeman ernstig toe. David wordt jaloers en voelt zich uiteindelijk instabiel wanneer Consuela niet in zijn dircte omgeving is. David kent zich zelf niet meer. Zijn beste vriend en dichter George O’Hern (Dennis Hopper) raadt hem met klem aan deze vrouw onmiddelijk te dumpen. Ze heeft al veel te veel macht over hem. Al geeft David zijn vriend gelijk, op het moment suprême doet hij precies het tegenovergestelde en vraagt of ze met hem naar Parijs wil gaan. Het is duidelijk. David Kepesh zit er tot over zijn oren in.

Elegy is gebaseerd op het boek van de bekende Amerikaanse schrijver Philip Roth: The Dying Animal. Het boek is tot film script bewerkt door Nicolas Meyer. Elegy is een karakterschets van vooral de man David Kepesh. Het is zacht, zoet en soms melancholiek. De film is wel erg traag. Zo zijn de scenes tussen David en zijn zoon Kenny (Peter Sarsgaard) misschien overbodig. De scenes met Consuela in David’s flat worden lang uitgerekt met weliswaar prachtige, doch clichématige, muziek. Het is mede te danken aan de charismatische Kingsley, zo nu en dan verwikkeld in een scherp gesprek met Hopper, en natuurlijk de mysterieuze schoonheid van La Cruz, dat de film zonder een alles overheersende verveling uitgezeten kan worden.